Opheffen stadsdelen (april 2011)

Op 23 maart verscheen het Concept Wetsvoorstel afschaffing deelgemeenten. Inderdaad gaat het kabinet niet zo ver dat het ingrijpt in de gemeentelijke autonomie. Alleen de mogelijkheden voor binnengemeentelijke organen om bijvoorbeeld verordeningen vast te stellen, komen te vervallen. De Memorie van Toelichting houdt uitdrukkelijk de mogelijkheid open om territoriale bestuurscommissies in te stellen. Zie pagina 2 van de Memorie van Toelichting.

Voor de Rotterdamse deelgemeenten gaat volgens de verordening om niet meer dan acht bevoegdheden uit de lijst 1A bij de Deelgemeenteverordening 2010. De lijst van overgedragen collegebevoegdheden (1B) is een stuk langer.

Met deze wijzigingen hoopt het kabinet de overheid € 15,1 miljoen te besparen. Volgens zijn berekening zullen Amsterdam en Rotterdam dat besparen op de bezoldiging van de bestuurders deelgemeenten. Het scheelt de rijksoverheid niets, want gemeenten met stadsdelen krijgen geen hogere uitkering uit het Gemeentefonds.

Wanneer de besparing wordt gehaald, is niet zeker, want de wetswijziging gaat op zijn vroegst in 2014 in. En dan moeten eerst de betaling van wachtgelden nog beëindigd  zijn. Vooralsnog zijn  de betrokken gemeenten nog niet erg enthousiast over de bezuiniging die hen langs deze weg wordt opgedrongen.

Kortom: we hebben hier te maken met symbool-wetgeving. Het kabinet heeft de mond vol over “bestuurlijke drukte” die zo wordt bestreden. Maar dit voorstel vermindert die drukte nauwelijks: de stadsdelen worden ingewisseld voor territoriale commissies en financieel is het ook niet erg interessant. Althans als je dat vergelijkt met de bezuinigingsdoelstelling die Amsterdam zich stelt voor de gemeentelijke bedrijfsvoering (€ 112 miljoen).